maandag 23 december 2013

Kerstgevoel


En toen was het plots weer kerstavond.  Ondanks kerstliedjes, pinkelende lichtjes, music for live en kinderkunstwerkjes onder de kerstboom gaat het kerstgevoel dit jaar aan me voorbij.  Misschien door het weer die me nog in herfstsferen laat blijven?  Hoe waren we hier gekomen?  Hoe was dit jaar opnieuw langs mij gepasseerd?  Komt het door het ouder worden dat het leven sneller gaat dan vroeger?  Of leef je sneller als het leven je klappen uitdeelt?  De relatieve tijd, niet die van Einstein, maar die van het gevoel.  Een minuut op iemand staan wachten lijkt soms een uur te duren, terwijl uren soms te kort zijn als je alles wat je gepland hebt wil doen.  Het eerste loopstukje voelt ook altijd langer aan.  Als het dametje in mijn oren zegt dat ik (nog maar) 5 minuten gelopen heb, zakt de moed me soms letterlijk in mijn schoenen.  Maar na een half uur lijkt het alsof ik voor eeuwig door kan blijven lopen.  Wat ‘voor eeuwig’ ook wil zeggen.  Forrest Gump bleef ook lopen.  Hij deed dit om zijn verdriet te verwerken.  Geen baard, korte baard, lange baard, tot  hij er genoeg van had.  We kunnen blijven lopen, soms met de tijd mee, soms sneller dan de tijd en soms vertragend.
Als er dan een doel in 2014 moet gesteld worden is het dat wel: vertragen in het leven, de tijd voelen, het leven beleven en je niet laten leven.  Want voor je het weet is het weer kerstavond en is er alweer een jaar voorbij.

maandag 9 december 2013

Hoofdeenvoudig

“In mijn hoofd is alles heel eenvoudig, in mijn hoofd valt alles op zijn plaats”, zingt Raymond.
Het is waarschijnlijk niet helemaal wat hij met die woorden bedoelt, maar in mijn hoofd lijkt alles ook soms simpeler dan het is.  Neem nu de armband die ik zag liggen: ik dacht dat die makkelijk na te maken was, maar ik had hem beter gekocht.  Hetzelfde met die sjaal die ik in een film zag: namaken lijkt eenvoudiger dan het is.  Ook toen ik dat liedje voor het eerst drumde leek het op voorhand makkelijker dan het eruit kwam (nog veel oefenen is hier de boodschap).
Maar het gaat verder dan dat.  Toen ik 20 jaar was, dacht ik dat ik aan mijn dertigste alles op een rijtje zou hebben.  Ik zag mezelf al rijden in een (niet gespecifieerd merk, want daar heb nooit aan gedacht, dat zijn meer jongensdromen) auto, haren in de wind (als je dan toch mag dromen), totaal in balans met alles wat ik deed.  Soms denk ik dat dat ook klopt, andere momenten lijkt het in mijn hoofd eenvoudiger dan het is.  Dat van die auto heb ik geen spijt van, want ik denk gelukkiger te zijn zonder.  Het paste voor twintiger-Lobke gewoon in het beeld van evenwichtig zijn.  Mijn twintigerpersoonlijkheid dacht ook dat dertigers al oud waren en alles al beleefd hadden.  De hele checklist al geschrapt.  Als 33 jarige vrouw blijk ik al een heel nieuw lijstje te hebben.
Eén puntje op die lijst is terug gaan naar het plaatsje waar mijn man en ik 10 jaar geleden voor het eerst de bergen uit klommen.  We kwamen volledig bezweet, rugzak op onze rug aan.  Met enkel zakjes met poeder om te eten en flessen om te vullen met water van de bergrivier, die naast onze tent en slaapzak een plaatsje in die rugzak veroverd hadden.  We smachtten naar vers eten en gingen naar het dal waar we een verlaten camping ontdekten met een vervreemde, kunstige, gevluchte Vlaming als eigenaar.  Een mini-oase, het mooiste plaatsje waar we beiden ooit geweest waren en waar we zworen later onze kinderen mee naar toe te nemen.  De man gaf ons zijn kaartje en nu, meer dan 10 jaar later, vond ik het terug na enkele minuutjes zoeken.  Een verkleurd, wat gekreukt en besmeurd kaartje.  Nog een tijdje zoeken later vond ik op het internet dat hij er nog altijd een camping uitbaat, weliswaar met een andere vrouw.  Dat is het eerste wat op mijn checklist staat, daar naartoe gaan, nu ook met mijn kinderen.  Misschien met (een gehuurde) auto in plaats van te voet.  En hopelijk is het plan in mijn hoofd even eenvoudig als het zal zijn.