zondag 27 maart 2016

#nofilter

In normale omstandigheden zit ik tijdens een regenvlaag het liefst gezellig thuis.  Onder een deken met een tas thee.  Maar soms ontdek je de keerzijde aan de medaille.  
Vandaag vingen we (mijn man, 2 kinderen en ik) de 9 kilometer lange fietstocht snel aan na het paasfeest, in de hoop die zwarte wolk voor te zijn.  Ijdele hoop, zo bleek, want sterker dan de natuur zullen onze benen nooit worden.
Het begon al met het verdwijnen van de zon en het vormen van een donker filter tussen ons en de blauwe lucht.  Die letterlijke stilte voor de storm geeft me altijd een opgewonden en toch neerslachtig gevoel.  Daarna kwamen de eerste regendruppels.  Als het harder begint te regenen zie je die druppels in strepen uit de lucht vallen.  De zon kwam nog even piepen, wat een soort goddelijke ervaring gaf.  Het leek alsof er net voor ons een regenboog verscheen waar we elke ogenblik door konden fietsen.  Als een poort naar de hemel.  Het groen van de bomen leek wat groener, de lucht wat zwarter en daarop verschenen als een soort print alle kleuren van de regenboog.  Rood, oranje, geel, groen, blauw, indigo, violet, je kon ze allemaal onderscheiden.  Een prachtig Paselijk schouwspel.  Je zou er bijna gelovig van worden.  Op zo'n moment zou ik graag talent hebben om te tekenen of schilderen, om het later op papier te kunnen zetten.  Of een fotograaf zijn die dit schouwspel zonder filter kon weergeven.  Maar ik denk dat dit zo'n moment is die niet weer te geven is, alleen te beleven. 
In plaats van ons te storen aan de hagelstenen die ondertussen uit de hemel vielen waren we alle vier uitbundig aan het lachen (terwijl we probeerden door de regenboogpoort heen te fietsen).  Wat ben ik blij dat ik op zo'n moment niet in een warme, behaaglijke auto zit, ondanks de natte broek en uitgelopen mascara.  Om erna thuis in mijn trainingsbroek onder een deken thee te kunnen drinken.  En zo is de cirkel rond.
Zalig pasen!

donderdag 28 januari 2016

Bereikloosheid

Deze week ben ik met mijn gevoel even terug in het jaar 1999.
In dat jaar stond ik elke woensdagavond netjes in de wachtrij van het telefoonhokje.  Om 19 uur verwachtte mijn moeder namelijk een belletje.  Om haar gerust te stellen.  Dat alles goed met me ging.  En dat ik vrijdag in de loop van de avond thuis kwam om mijn rugzak af te zetten.  Neen, ik moest geen eten hebben, we gingen in de scouts wel frietjes halen.  Op het thuisfront ging alles ook goed.  Meestal was mijn protonkaart hierna leeg en moest ik hem herladen.  Er stonden toch nog wachtenden na mij.
Maar terug in deze tijd.  Mijn GSM (mag je een iphone eigenlijk zo noemen of zal hij nu beledigd zijn?) is stuk en in het wachten op een stuk (om het stukke toestel te maken) bevind ik me even in niemandsland.  Onbereikbaarland.  Het was even afkicken, maar nu voelt het heerlijk.  Je niet verplicht voelen om direct sms-en of op het toilet een oproep te beantwoorden.  Niet mee zijn met het nieuws van de dag (zowel op globaal als meer persoonlijk vlak).  Mijn oude radiowekker is afgestoft en doet al 2 dagen flink waarvoor hij eigenlijk bedoeld is.  De herwonnen vrijheid vul ik met boeken lezen in plaats van facebooken, reisjes boeken in plaats van wordfeuden, mijn kinderen (inclusief man) aandacht geven in plaats van de digitale krant lezen.  Nu weet ik weer waarom er in 1999 zo'n party's waren: er werden geen filmpjes geschoten als je gek danste, geen selfies opgedrongen...
Het mag wel even duren, dat vrije gevoel.  Alleen... Morgen moet ik de hort op.  En voor het eerst sinds het après-nokia-tijdperk moet dat zonder mijn zakGPS.  Ik heb nog eens een plannetje afgedrukt in Mappy.  Hopelijk zijn er geen wegenwerken...

dinsdag 22 december 2015

Warmpjes

Als kind heb ik me veel alleen gevoeld.   Voordat ik 11 was verstopte ik me altijd in de kast in de veranda, tussen de dichtgeklapte ligzetel.  Het rook naar zonnecrème, een restje zomerzon, geplette aardbeien, vermengd met winters stof.  Ik bleef daar, naar mijn gevoel, uren zitten.  Meestal was mijn zus al een ander spel begonnen toen ik besloot uit mijn isolement te komen.
Erna, in mijn puberteit, voelde het alleen-zijn niet meer zo beschermend aan.  Op sommige momenten overviel me de zwaarte van de eenzaamheid, waarschijnlijk aangewakkerd door de hormonen.  Cognitief wist ik dat ik niet alleen was met mijn 3 zussen in huis, maar het gevoel was zo groot in die koude kamer, dat tranen soms niet genoeg waren.
Later op kot probeerde ik dan ook zoveel mogelijk gezelschap op te zoeken en als dat niet lukte de verwarming in mijn kamer op te stoken tot sauna-temperaturen.
In mijn jeugd is het bijna altijd herfst of winter, toch als het over gevoelens van eenzaamheid gaat. Want andere herinneringen zijn er ook, al lijken ze niet in hetzelfde leven voorgekomen te zijn.  
Wat ben ik dankbaar om die warme man waar ik tegenwoordig mijn eenzame ziel kan aan laven. Samen eten, lachen, dromen, ruzie maken, 's nachts dichtbij liggen.
En wat kan ik nu genieten van een avondje alleen zijn.  Gewoon mezelf, zonder lijstjes, planningen, enthousiaste kinderen en ook soms zonder warme man.   

woensdag 23 september 2015

Tsestig

Moedere,
Vanavond mogen we opnieuw met z'n allen lasagne bij jou komen eten.  Voor jou is alles een reden voor een feestje, maar dit is er écht één: je wordt 60!  Jouw lasagne is dan ook de beste uit Brugge en omstreken, heb je die leren maken van jouw mama, mijn mémé?  Ik probeer me jouw jeugd soms voor te stellen, als jongste van 7.  Met je 3 broers en 3 zussen aan een lange tafel.  Mémé én pépé elk aan het hoofd.  Verse groenten uit de tuin.  De geur van kip net uit de oven.  Ik beeld me in dat je moest vechten voor je brokken.  Gelukkig kan je nu genieten van je schoonzonen die jouw lasagneschotel nog met een laatste korstje schoon lekken.  Eten met jou en bij jou betekent gezelligheid (en altijd een slaatje erbij).  
Als jongste had je waarschijnlijk nog nooit van het oudste-dochter-syndroom gehoord.  Tot je mij kreeg.  Vanaf het moment dat ik zelfbewust genoeg was wilde ik op mijn eigen benen staan.  Ik werd toen zelfstandig en heb je nooit meer om hulp gevraagd.  Tot ik zelf mijn eerste kindje (en oudste dochter) kreeg.  De eerste dag al hing ik met je aan de telefoon om mijn onzekerheden rond het moederschap te bespreken.  Je peperde me altijd in dat 'ik het wel zou begrijpen als ik zelf kinderen had'.  Wel, mama, ik begrijp het.  Ik versta je ongerustheid toen ik te laat thuis kwam, je zorgen toen ik niet met je wou praten en je opluchting toen je zag dat het wel allemaal goed komt.
Je was nog jonger dan ik nu toen je je eigen moeder verloor.  Ik kan me het niet voorstellen.
Jij beseft soms niet in hoeveel wielen jij de figuurlijke spil bent.  Toen je enkele jaren geleden op intensieve lag waren we met zijn allen de kluts kwijt.  De lijm die ons gezin samen houdt was even opgelost.  Ook voor je broers en zussen ben jij de sleutelfiguur.  Zonder jou kan ik me niet voorstellen dat we zo'n bende op kerstavond nog samen krijgen.  Ook op je werk ben je soms onmisbaar.  Het is leuk om te zien dat je zo vol passie je werk doet.  Jij bent de spelletjes-madam waar iedereen heen gaat om uitleg te vragen.  Jij bent de halve-heks waar alle mensen die een vleugje magie in hun leven willen, mee praten.  Jij bezit dan ook de kunst van het verhaal-vertellen.  Ik heb me laten wijs maken dat je in je jeugd een bus een hele rit kon entertainen met je verhalen.  Ook in je toneel-carrière kwam dit je goed van pas.  Sommige verhalen heb je al 100 keer vertelt.   In mijn jeugd vond ik dit vermoeiend, maar ik leer ze nu naar waarde schatten en merk dat ik ze zelf gebruik.  Ik wil niet in clichés (of liedjes) vervallen, maar mama, ik lijk steeds meer op jou (of wil het nu pas toegeven).  Het is raar om op te merken dat we op een minuut verschil hetzelfde mopje vertellen.  We lezen graag dezelfde boeken. En ik begin de laatste tijd -tot mijn grote verbazing- graag kruiswoordraadsels te maken.
Dit alles (en ik kon nog veel meer, maar dat is voor de volgende keer) om te zeggen dat we je verjaardag niet vergeten zijn.
Dikke kus,
Je voor altijd oudste dochter, Lobke

woensdag 19 augustus 2015

Tien jaar is Tin

Mijn liefste,
Ik herinner me 19 augustus 2005 als de dag dat je me achteraan op je stalen ros naar een kapelletje in het bos bracht en mijn man werd. Jij in een mooi kostuum.  Ik bijna in het wit, kortgerokt en hoogzwanger.
Niet omdat het moest, maar omdat het kon.
Vandaag zijn we 10 jaar man en vrouw.
Vorige maand nog trokken we met onze rugzak door de bossen. Zoals we 10 jaar geleden ook deden, maar dan met 10 jaar meer bagage.  Daar kwamen we weer tot de kern van onze relatie.  De kraken in ons leien dakje werden opgevuld.
Jij versterkt (of bent) mijn oriëntatie in ruimte en tijd, ik krijg alles georganiseerd.  Jij versterkt ook mijn beenspieren.  Ik breng jou tot rust.  Jij geeft me energie, terwijl ik jou leer om geduld te hebben (het kan even duren voor ik uit die lekker warme douche kom...)  Jij laat me lachen, maar ik schaaf je te droge humor af en toe bij.  Jij leert me zwart-wit (of was het wit-zwart?) te denken, ik probeer jou wat grijstinten mee te geven.   Jij begrijpt (dus hoort) niet veel tot je het gezien hebt, ik zie niet veel tot ik het gehoord (of begrepen) heb.  We vullen elkaar aan.
En toch zijn we al zo lang samen dat we soms niet meer weten van wie we welk trekje geërfd hebben.  Zoals de gewoonte om bij elke gebeurtenis een aangepast liedje te zingen.  En de namen van onze kinderen erin te verwerken.  Of 's morgens cornflakes te eten en 's avonds thee te drinken.  We zijn samen één en toch nog genoeg apart en dat is precies zoals ik het 10 jaar geleden gewenst heb. Bedankt.  Ik hou van je!
Je keppe, Lobke.

zaterdag 9 mei 2015

Moeterdag

Het blijft moeilijk voor een man, dat hele moederdag gebeuren.  Ik hoor ze bijna luidop denken:"Geef ik enkel mijn eigen moeder een presentje of koop ik voor moeder-de-vrouw ook een bloemetje?  En wat wil de moeder van mijn kinderen dan?"
Ook mijn man vroeg me 2 dagen voor moederdag wat ik graag wilde krijgen.  Zoals elke zichzelf respecterende vrouw antwoordde ik eerst dat ik alles heb wat ik moet hebben en dat gewoon een beetje liefde en een mooi knutselwerkje van de kindjes genoeg is.  En op dat moment geloof ik dat ook.   Tot op moederdag zelf.  Dan betrap ik mezelf erop toch meer te verwachten dan ik twee dagen ervoor zelf dacht.  Dit jaar ben ik mezelf voor geweest.  Het jasje waarvan ik al 10 keer gezegd had dat ik het prachtig vond en die nu aan de helft (!) van de prijs stond, heb ik gewoon zelf gekocht. Geen valse verwachtingen meer.  Geen verplichte spontaniteit meer.
Toen ik dit aan mijn liefste vertelde, reageerde hij zoals elke praktisch denkende man: "Maar ik ken jouw maat niet!"  Daar gaat de utopie van jasjes-kopende mannen.  Maar, mannen, moederliefhebbers, je weet toch dat moederdag voor vaderdag valt, omdat je op moederdag de norm zet voor je eigen verwendag?  Maar we hebben geen verwachtingen hoor...

zondag 7 december 2014

Spannend

Ik beken: ik heb een saai leven.  Mijn vaste poets- en boodschappendag zorgen soms voor hilariteit bij minder georganiseerde vriendinnen.  Ik doe braaf de was en de plas (meestal in het weekend).  Ik vind mijn genot in het kijken van een serie met mijn man in de zetel, een (slaap)theetje bij de hand.  Ook een romantische komedie kan ik wel smaken.  Elke weekend uitgaan tot 6 uur staat niet (meer) op mijn programma (rond 1 uur begin ik meestal al aan de volgende dag te denken).  Ik heb dan ook 8 uur slaap per nacht nodig, anders ben ik niet te genieten (of dat zegt mijn man toch).  Tijdens de week drink ik geen alcohol.  Als ik al iets spannends doe laat ik het op facebook zetten door een vriendin (beter dan het zelf te doen) en enkel in de mooiste foto’s mag ik getagd worden.  Ik poets elke dag braaf 3 keer mijn tanden, zonder één keer over te slaan.  Uit een vliegtuig springen is niet aan mij besteed.  Ik ben niet in het bezit van een loftsleutel.  Ik heb nog nooit met een artikel in een boekje gestaan.   Elke week ga ik braaf sporten en ik probeer gezond eten vooraan te plaatsen op mijn levenslijstje.  En als ik ga lopen, loop ik telkens hetzelfde toertje, uit schrik de weg kwijt te raken.  Met fietstochten van ’t zelfde.   Ik heb nog nooit een écht verre reis gemaakt...
En eerlijk: ik vind mijn geluk in al die dingen, want wanneer het eens spannend werd in mijn leven was het meestal niet aangenaam.

Of toch: die keer toen ik op een winternacht in de vriezende kou met die knappe jongen naar huis fietste…